Alliade Onderzoeksatelier

De behandeling van jongeren met een licht verstandelijke beperking en seksueel grensoverschrijdend gedrag

Status:    
Afgerond

Sinds 2008 behandelt de poli seksuologie van Reik mensen met een licht verstandelijke beperking en seksueel grensoverschrijdend gedrag. De behandeling leidt in de praktijk tot goede resultaten, maar om erachter te komen hoe effectief de behandeling is, is onderzoek nodig.

Voor dit onderzoek zijn interviews gehouden met jongeren die de plegerbehandeling hebben gevolgd, hun ouders of begeleiders en ketenpartners (zoals justitie en zorgorganisaties). Wat zijn sterke punten en verbeterpunten van de behandeling? In hoeverre hebben jongeren na afloop van de behandeling opnieuw seksueel grensoverschrijdend gedrag gepleegd? Welk effect had de behandeling op het leven van de jongeren? 

Factsheet

Wat is plegerbehandeling?

Plegerbehandeling richt zich op het behandelen van mensen met een licht verstandelijke beperking en seksueel grensoverschrijdend gedrag. Bijvoorbeeld seksuele intimidatie, seksueel geweld, aanranding, verkrachting, sexting, kinderporno, pedofilie, schennispleging en seksverslaving.

Bij plegerbehandeling gaat het niet om schuld, maar om weten wat wel en niet kan. Doel van de behandeling is:

  • dat het seksueel grensoverschrijdend gedrag stopt,
  • de cliënt verantwoordelijkheid neemt voor zijn gedrag, 
  • en zijn leven opbouwt met de handvatten die hij gekregen heeft.

Plegerbehandeling is sinds 2008 een onderdeel van het behandelaanbod van de poli seksualiteit van Reik.

In 2010 beschreef de poli seksuologie de plegerbehandeling in het handboek ‘Seksueel grensoverschrijdend gedrag: handboek ambulante plegerbehandeling’.

Waarom dit onderzoek?

De poli seksuologie van Reik behandelt mensen met een licht verstandelijke beperking die seksueel grensoverschrijdend gedrag vertonen. Geen van de cliënten is na de behandeling teruggekeerd op de poli. Hoewel dit een goed teken lijkt, geeft dit maar beperkt inzicht in de effectiviteit van de behandeling. Om na te gaan hoe effectief de behandeling van Reik is, is onderzoek nodig. Met de uitkomsten wordt de plegerbehandeling aangepast en verbeterd.

Wanneer is het onderzoek uitgevoerd?

Het onderzoek liep van augustus 2018 tot september 2019.

Wat was de onderzoeksmethode?

Het onderzoek bestond uit interviews met:

  • 11 jongeren die in de afgelopen anderhalf jaar plegerbehandeling bij Reik hebben gevolgd.
  • 19 systeemleden: (pleeg)ouders, begeleiders of vertegenwoordigers van de jongeren.
  • 10 ketenpartners, zoals professionals en managers van zorginstellingen en afgevaardigden van Politie en Justitie.

De transcripten van de interviews met de jongeren en systeemleden zijn systematisch gecodeerd en geanalyseerd met behulp van het analyseprogramma ATLAS.ti. De gesprekken met ketenpartners zijn thematisch samengevat en geanalyseerd met de focus op informatie die relevant was voor de beantwoording van de onderzoeksvragen.

In hoeverre hebben de jongeren na afronding van de behandeling opnieuw seksueel grensoverschrijdend gedrag gepleegd?

  • Geen van de jongeren pleegde na afronding van de behandeling opnieuw seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Welke invloed had de behandeling op het leven van de jongeren?

Op één na gaven alle jongeren hun leven na de behandeling een hoger cijfer dan vóór de plegerbehandeling. Dit had verschillende redenen:

  • De meeste jongeren gaven aan dat ze voorafgaand aan de behandeling nauwelijks tot geen kennis hadden over relaties en seksualiteit. Dankzij de behandeling weten ze nu goed wat wel en niet kan en mag op deze gebieden.
  • Het zelfvertrouwen van de jongeren was verbeterd.
  • Ze konden hun eigen grenzen beter aangeven en grenzen van anderen beter herkennen.
  • Relaties met hun ouders, broers en zussen waren verbeterd.
  • De behandeling hielp hen bij het verwerken van hun verleden: veel van de jongeren waren zelf ook slachtoffer van seksueel misbruik.

Wat zijn sterke punten van de behandeling?

Dit zijn de sterke punten die uit het onderzoek naar voren kwamen:

  • De combinatie van verschillende vormen van behandeling.
  • Het prettige contact met de behandelaars.
  • De familieleden van de jongeren werden ook behandeld. Ouders hadden vaak ook een verleden van misbruik dat pas aan het licht kwam door de behandeling van hun kinderen.

Wat zijn verbeterpunten van de behandeling?

Dit verbeterpunt werd in het onderzoek genoemd:

  • De afronding van de behandeling. Het was voor de jongeren niet altijd duidelijk waarom en op welk moment de behandeling ‘klaar’ was. Ook was niet voor iedereen duidelijk of de jongeren na afloop nog contact zouden of mochten hebben met de behandelaars.

Wat zijn ervaringen van ketenpartners?

  • De meeste ketenpartners vonden dat Reik de bekendheid van de plegerbehandeling moet verbeteren. Een aantal ketenpartners kende de behandeling niet, terwijl ze wel mogelijke doorverwijzers zijn.

Wat zijn aanbevelingen voor de vervolgstappen voor de poli seksualiteit?

  • Kies een andere naam voor de plegerbehandeling. De behandeling is niet alleen gericht op jongeren die strafbaar gedrag plegen, maar ook op jongeren die afwijkend seksueel gedrag vertonen. Ook zijn veel van de jongeren zelf slachtoffer geweest van seksueel grensoverschrijdend gedrag.
  • In 2010 bracht de poli seksuologie het handboek ‘Seksueel grensoverschrijdend gedrag: handboek ambulante plegerbehandeling’ uit. Herschrijf dit handboek aan de hand van de nieuwe inzichten uit het onderzoek.
     
  • Herhaal het evaluatieonderzoek zodra een groep jongeren volgens de aangepaste behandeling is behandeld. Op deze manier kunnen de effecten van de aanpassingen worden onderzocht. 

Wat zijn aanbevelingen voor de inhoud en organisatie van de behandeling?

  • Geef risicotaxatie een centralere rol in de diagnostiek en behandeling.
  • Zorg voor een goede afstemming met doorverwijzers.
  • Verklein de wachtlijst: sommige jongeren moesten een jaar wachten voor ze konden starten met de behandeling.
  • Overweeg een contactmoment na afloop van de behandeling als nazorg.
  • Overweeg meer behandellocaties om de behandeling zo laagdrempelig mogelijk te maken voor jongeren die Groningen of Leeuwarden moeilijk kunnen bereiken.
  • Nodig jongeren en systeemleden niet alleen uit op de behandellocaties, maar bezoek hen ook thuis of op hun dagbestedingslocatie. Zo krijg je een beter beeld van hun dagelijkse omstandigheden.

Wat zijn aanbevelingen voor samenwerking en naamsbekendheid?

  • Zoek samenwerking met andere zorgorganisaties die een vergelijkbare behandeling aanbieden.
  • Zorg voor meer bekendheid van de plegerbehandeling bij doorverwijzers.
  • Houd korte lijnen met de Reclassering en probeer COSA in te passen in het behandel- of nazorgtraject. COSA is een methode voor re-integratie van zedendaders in de samenleving. 

Hoe is dit onderzoek gefinancierd?

Dit onderzoek is gefinancierd met 50.000 euro van ZonMw.

Uitgevoerd door

Daniëlle Jansen

dr. Daniëlle Jansen werkt bij de afdeling Sociale geneeskunde, Gezondheidswetenschappen , UMCG

Bekijk alle onderzoeken van Daniëlle Jansen

Geke Dijkstra

Als hoofd TGO bij het UMCG was Geke al betrokken bij verschillende onderzoeken die binnen Alliade zijn uitgevoerd. Tegenwoordig is ze Coördinator onderzoek bij het Onderzoeksatelier Alliade.

Met de input van het team en de rest van de organisatie, maakt Geke het beleid van het Onderzoeksatelier. Ze haalt onderzoeksvragen op uit de organisatie (en uit andere organisaties) en zorgt ervoor dat ze worden uitgevoerd. Ook denkt en werkt Geke inhoudelijk nog steeds mee met verschillende onderzoeken. 

Het is belangrijk om te weten waarom dingen worden gedaan zoals ze worden gedaan. Onderzoek kan helpen dat te onderbouwen. Of bijdragen aan de keuze om iets te veranderen. 

meer weten over Geke? Bekijk haar LinkedIn-profiel.

Bekijk alle onderzoeken van Geke Dijkstra

© 2020 - Alliade